
Vroeger dacht men dat een goed voedingspatroon bestond uit het weghalen van alle vetten. Dit is niet waar. Een goed opgebouwd voedingspatroon bevat minstens 12% tot 15% uit de juiste vetten.
Wat zijn de juiste vetten?
Verzadigde vetten zijn slecht in mega grote hoeveelheden. Ze zijn zeer dikwijls van dierlijke oorsprong en je kan ze makkelijk herkennen aan het feit dat deze vetten stollen op kamertemperatuur. Iedereen kent het gestolde bakvet van een frietketel of een pan spek wel. Verzadigde vetten verhogen de cholesterol in het bloed.
Onverzadigde vetten kunnen opgedeeld worden in 2 groepen:
Mono-onverzadigde vetten en Poly-onverzadigde vetten.
De onverzadigde vetten zijn meestal van plantaardige oorsprong. Ze bevatten de groep essentiële vetzuren Omega-3 en Omega-6.
Opgelet: essentieel betkent in dit geval dat het lichaam deze stoffen nodig heeft (in kleine hoeveelheden) en dat het lichaam deze stoffen niet zelf kan aanmaken. Omega-6, linolzuur, ligt zwaar onder vuur omdat dit het risico op hartinfarcten aanzienlijk verhoogt. (Je vindt het oa in margarines zoals Becel pro-activ).
Omega-3 (Alpha-Linoleenzuur) daarentegen heeft net een beschermende functie voor hart en bloedvaten. Je vindt dit vooral in vette vissoorten zoals zalm, makreel, enz.
Enkele eenvoudige tips om een eventueel ongunstige vetzuursamenstelling van de voeding in evenwicht te brengen:
•Vermijd olieën en vetten met meer dan 30 procent linolzuur, zoals zonnebloemolie, maisolie en de meeste dieetmargarines.
•Gebruik olijfolie of koolzaadolie als keukenvet (in landen als Duitsland, Frankrijk, Zweden en Finland zijn nauwelijks nog linolzuurrijke margarines te koop) en wees niet al te bang voor echte boter.
•Eet geregeld groene bladgroenten. Vooral postelein (een onkruid!) bevat relatief veel van het gewenste alfa linoleenzuur.
•Eet vaker vette vis, zoals haring of makreel. Visolie bevat de omega-3 vetzuren in de vorm waarin het lichaam ze wil hebben. Oudere mensen hebben meer moeite om het plantaardige alfa linoleenzuur om te zetten.
